God is groot én nabij. Laat Hem die twee in balans houden.

Marianne Visser

‘God is altijd groter’ – Terugblikken met Marianne Visser

Het is een koude en tegelijk zonovergoten herfstochtend. En die dubbelheid vat precies mijn stemming samen als ik in de auto stap en naar Barendrecht navigeer. Ik ga op bezoek bij mijn collega Marianne Visser om met haar terug te blikken op haar tijd bij het Evangelisch College. Dat wordt een zonovergoten gesprek, want er is zoveel moois om bij stil te staan. Maar er zit ook een koude kant aan, want ze wordt gedwongen te stoppen. Ik praat erover met haar in een open en persoonlijk gesprek.

Ik ontmoet Marianne thuis, waar ze nu veel is. Een zware val ruim twee jaar geleden met hersenletsel als gevolg maakt het Marianne onmogelijk om haar werk nog voort te zetten. Die conclusie moest ze trekken na een periode van intensieve revalidatie. Daarmee kwam er aan 17 jaar bevlogen en liefdevol werk bij het Evangelisch College – waar ze als coördinator en docent Oude Testament volop actief was – een abrupt en ruw einde.

Een vreemdeling in je eigen leven

Marianne heeft vanwege de gevolgen van de val compleet opnieuw moeten leren omgaan met het leven. Ik vraag haar ernaar. ‘Het eerlijke verhaal is dat het voelt alsof ik uit het beloofde land ben gehaald en nu ergens zit waar ik eigenlijk gewoon niet wil zitten. Wat ik kon, hoe ik functioneerde, hoe ik mijzelf kon zijn… Dat is verloren gegaan en daarin zit pijn en verdriet. Ik had het naar mijn zin daar in dat beloofde land en nu ben ik in een vreemd land terechtgekomen. Als een soort ballingschap. Ik ben een vreemdeling geworden in mijn eigen leven.’

Ik had het naar mijn zin daar in dat beloofde land en nu ben ik in een vreemd land terechtgekomen. Als een soort ballingschap.

Hoe desoriënterend dat voor haar is wordt duidelijk als ze vertelt over haar ochtend. Ze dacht voorafgaand aan het gesprek nog wel even een wasje te kunnen draaien, maar moet dit nu qua energie bekopen. ‘Heel mijn referentiekader is weg in wat ik aankan, dus ik moet steeds nieuwe wegen zien te vinden in hoe ik mijn leven leid. Er is geen automatische piloot meer.’

Met God in de ballingschap

Het beeld van de ballingschap betekent voor Marianne heel duidelijk niet dat God haar tot deze situatie heeft veroordeeld. ‘Dit was niet Gods oordeel. Die gedachte weiger ik pertinent. Hij heeft het toegestaan, want ik geloof dat Hij bij machte was het te voorkomen, maar bij Hem is de draad niet afgebroken. God is trouw. Alleen ik moet – net als het volk in Babel – leren leven in een land waar ik eigenlijk niet wil zijn en net als zij gaan ontdekken hoe God juist dáár ook is. Het wonder bij de profeet Ezechiël is namelijk dat het volk wel het land uit moet, maar dat God vervolgens samen met hen die ballingschap ingaat.’

Hem daar vinden is een hele worsteling. Maar niet zozeer een worsteling van verwijten naar God, alsof Hij haar in de steek heeft gelaten. ‘Weet je, Jakob worstelde niet met God, er staat dat God met hém worstelde. Hij is bezig om mij te leren Hem in deze nieuwe situatie te vinden, langs nieuwe wegen, die soms heel anders zijn dan ik gewend was. Voor dát gevecht sta ik. Ik ben ‘in Babel’ terechtgekomen en God vraagt aan mij: ga je meebewegen of niet? Verlang je alleen maar terug naar ‘het beloofde land’ of wil je het nieuwe land gaan betrekken? Accepteer je deze nieuwe situatie als de plek waarvan Ik zeg: hier ben Ik?’

Marianne Visser

Aanhaken bij Gods verhaal

Terwijl ik naar Marianne aan het luisteren ben, merk ik dat ik, ondanks het zware onderwerp, aan het genieten ben. Haar eigen verhaal is verweven met prachtige lessen uit het Oude Testament. Ik begrijp waarom studenten zo graag onder haar gehoor zaten.

Die verbinding tussen het échte leven en het Oude Testament is ook wat ze zo waardevol vindt: ‘De diversiteit van het Oude Testament is zo mooi. Het hele leven zit er in: Thora, verhalen, profeten en poëzie, net een prentenboek. Al die soorten boeken doen niet alleen een beroep op je intellect, maar ook je verbeelding en maken samen een compleet beeld van God.

God haakt niet aan bij mijn verhaal, ik ben ingeweven in Zíjn verhaal.

Soms wordt er zo’n breuk tussen het Oude en Nieuwe Testament gemaakt. Dan gaan we met de laatste aan de haal en praten we over Jezus zonder de achtergrond te kennen. Al gauw draait het dan allemaal om mij: hoe Jezus voor mij is gekomen en mij zal redden. Maar het Oude Testament leert dat er allang een verhaal aan de gang was. God haakt niet aan bij mijn verhaal, ik ben ingeweven in Zíjn verhaal. Weet je, Hij wist al van mijn ongeluk, dat was niet opeens voor Hem een los draadje – Hij had het allang ingeweven. De vraag is: ben ik bereid om dat verhaal te leren kennen?’

Daarom is het Oude Testament leren kennen voor Marianne ten diepste een zaak van God liefhebben. ‘Toen ik Peter (haar man, red.) leerde kennen, leerde ik natuurlijk ook alles van zijn leven van daarvoor kennen. En dat verdiept juist je liefde en je bewondering voor hem. Zo zie ik ook het Oude Testament. Willen we God dieper kennen en dieper liefhebben, dan moet je zijn héle verhaal gaan ontdekken.’

Aanhaken bij het Evangelisch College

Mariannes liefde voor het lesgeven in het Oude Testament is niet uit de lucht komen vallen. Voordat ze in 2008 aan de slag ging bij het Evangelisch College heeft ze er zelf theologie gestudeerd. Toentertijd heette dat nog de Evangelische Theologische Academie. ‘Ik was daarvoor fulltime moeder en ik miste de intellectuele uitdaging. Daarom ben ik op aanraden van een vriendin vanuit huis begonnen met studeren. Dat beviel zó goed dat, toen er een leslocatie in de buurt opende, ik daar uiteindelijk de hele opleiding heb afgerond.’ Ze had al ervaring als leraar in het voortgezet onderwijs (geschiedenis en maatschappijleer) en als juf in het basisonderwijs. Daarom werd ze al snel gevraagd om, naast ondersteuning binnen de opleiding, ook les te gaan geven in het Oude Testament.

De mensen in het klaslokaal zijn eigenlijk je broers en zussen waarmee je op een gezamenlijke reis bent om te zoeken naar wie God is.

Die onderwijsachtergrond typeerde ook haar werk bij het Evangelisch College. Ze was altijd heel bewust bezig met het leerproces van studenten, hield strak de regie over haar vakken en klassen en kende steeds – tot mijn verbazing en beschaming – wél alle namen van haar studenten uit haar hoofd. Doceren is altijd haar rode draad en passie geweest in het werk. Als ik vraag wat zij nu zo leuk vond aan het lesgeven, vertelt ze: ‘De inhoud en het contact. In het lesgeven bij het Evangelisch College heb je die allebei. De studenten zijn open en gemotiveerd én het gaat over iets dat hen en ook mij wezenlijk raakt. De mensen in het klaslokaal zijn eigenlijk je broers en zussen waarmee je op een gezamenlijke reis bent om te zoeken naar wie God is. Ik zocht graag met hen de verbinding, in de lessen, maar ook in gesprekken en contact daaromheen.’

Samen optrekken in wat van waarde en betekenis is, daar draait het ook om als we terugblikken op wat voor haar belangrijke mijlpalen zijn geweest. Zo komen het redigeren van de bundel En het Woord is prachtig geworden (2022) en de Bijbelleeschallenge over Exodus (2024) terug. Maar ook het Gestructureerd Afstandsonderwijs, dat Marianne heeft opgetuigd en jarenlang gecoördineerd. ‘We wilden indertijd meer structuur aan het afstandsonderwijs geven en ik houd van organiseren en regelen, dus ik vond het leuk om zoiets op te zetten. Mijn drive was om een student van A naar B te brengen en de voorwaarden te scheppen waardoor iemand maximaal kan leren. Heel belangrijk is dan dat je aansluit bij de student. Weet je, als jij meebeweegt komt iedereen uiteindelijk verder. Naast natuurlijk dat ze hard moeten werken: ik heb ontzettend veel bewondering voor mensen die de studie op afstand doen.’

En het Woord is prachtig geworden

God is groter

Marianne gaf les over de hele breedte van het Oude Testament. Dus ook Deuteronomium, de grote afscheidstoespraak van Mozes waarin hij niet alleen terugblikt, maar ook vooruit kijkt. Daar moest ik aan denken bij dit gesprek. Wat wil zij nog aan ons meegeven?

Lachend: ‘Eigenlijk zou ik de toespraken van Mozes kunnen herhalen… alleen dan iets korter!’ Om te vervolgen: ‘Mozes is in zijn toespraak de hele tijd bezig met de vraag wie God is en met het wijzen op de grootheid van God. En zo zie ik dat voor mijzelf en ook voor iedereen: creëer ruimte, zodat God zichzelf aan je kan laten zien. God is áltijd groter. Juist ook in deze tijd is dat voor mij zo’n houvast.

Studenten kwamen heel vaak bij mij dat ze meer van God wilden gaan begrijpen. En ik zei dan altijd lachend: je krijgt alleen maar meer vragen. Maar wat je wel gaat leren is wat de oude vertalingen zo mooi ‘de vreze des Heren’ noemen.

Weet je, studenten kwamen heel vaak bij mij dat ze meer van God wilden gaan begrijpen. En ik zei dan altijd lachend: je krijgt alleen maar meer vragen. Maar wat je wel gaat leren is wat de oude vertalingen zo mooi ‘de vreze des Heren’ noemen. En ik hield mijn studenten – en ook mijzelf – voor ogen dat dit ergens ook te maken heeft met angst, een diepe ontzagwekkendheid waarbij je diep onder de indruk staat te beven. Het klinkt misschien gek, maar natuurlijk ben je ergen ook ‘bang’ voor God. Het zou toch het toppunt van arrogantie zijn als er voor God niet ook zoiets als een heilige vrees zou zijn. Ik bedoel: kijk naar het Oude Testament!

Hij is goed, maar Hij is ook groot. Zijn liefde maakt dat je naar Hem toe gaat, maar er is ook iets in Hem waardoor je afstand neemt en Hem vreest. En dat is passend: ik heb namelijk niet met God geknikkerd en Hij zit niet in mijn broekzak. Dat besef ik in deze fase van mijn leven maar al te goed. Dus als je vraagt naar wat mijn aansporing is voor anderen, dan is dat meteen ook voor mezelf: God is zowel groot als nabij en geef Hem de gelegenheid die twee in balans te houden.’

Rijkdom

Het liefst zouden Marianne en ik nog urenlang doorgaan met dit gesprek. Maar de tijd en de energie zijn op. Ik zoek tevergeefs naar betere woorden dan een eenvoudig ‘dankjewel’ als we afscheid nemen bij de deur. Misschien wel omdat ik nog zo vol zit van alles wat er het afgelopen uur langs is gekomen. Van echte rijkdom ga je stamelen.    

Ik loop terug naar de auto. Buiten is het ietsje warmer geworden.

Aan alle studenten: bedankt!

Een woord van dank van Marianne voor alle studenten waar ze in de loop der jaren aan mocht lesgeven:
‘Bedankt dat ik samen met jullie het Oude Testament mocht induiken om de schatten die erin liggen op te graven. Een speciaal dankjewel voor iedereen die aan mijn afscheidsboek heeft bijgedragen en voor alle bloemen, kaarten en andere warme reacties na mijn val. Iedereen: heel erg bedankt!’

Uitgelichte berichten