Helpende waarden bij heikele thema’s vanuit de Koninkrijkstheologie

Gebedsgenezing, Gods plan met Israël, de hel – hoe pak je dit soort verhitte discussies aan vanuit een gezonde theologie? Op 20 juni 2026 organiseerde het Studietraject Gods Koninkrijk en de Heilige Geest hier een studiedag over. Hans Alblas, oud-coördinator van het Studietraject en docent bij Vineyard Benelux en het Evangelisch College, schreef onderstaand artikel over zijn bijdrage aan deze studiedag.

Van twee kanten getrokken

Er is een spanning die mij regelmatig bezighoudt. Aan de ene kant voel ik een diepe liefde voor de Waarheid en een vast geloof in de Bijbel als Gods Woord. Aan de andere kant staan mijn liefde voor het héle lichaam van Christus en mijn overtuiging dat eenheid onder christenen een van de allerhoogste prioriteiten is. Soms staat deze tweevoudige toewijding lijnrecht tegenover elkaar — en ik ben zeker niet de enige die zich in die spagaat herkent.

Heikele thema’s

Heikele thema’s zijn onderwerpen die tot verdeeldheid kunnen leiden. Ze zijn er altijd geweest, van de vroegchristelijke kerk tot in onze tijd. In 2009 beschreef Willem Ouweneel zijn Big five: schepping en evolutie, homoseksualiteit, de vrouw in het ambt, geestesgaven en de waterdoop.1 Zijn small five bestond uit de visie op Israël, alverzoening, de (niet-)verliesbaarheid van het heil, de visie op occultisme en de visie op de islam.

Anno nu zou ik een eigen actuele Big five opstellen: seksuele en genderdiversiteit (LHBTIQ+), de verhouding van Israël tot de gemeente én tot de Palestijnen, man-vrouwverhoudingen en de vrouw in het ambt, goddelijke genezing en het voorspoedevangelie, en ten slotte de vragen rondom (al)verzoening, hemel en hel. De thema’s veranderen, de uitdaging blijft dezelfde: hoe ga je er in de kerk eerlijk en liefdevol mee om?

Koninkrijksperspectief

Een behulpzame ingang biedt het perspectief van de Koninkrijkstheologie, zoals die gestalte heeft gekregen in de lijn van Vineyard en New Wine en wordt herkend door bewegingen als Rafaël en het Evangelisch Werkverband. De kern ervan laat zich samenvatten met de Engelse formulering enacted, inaugurated eschatology: Gods Koninkrijk is gekomen in Christus, het is aan het komen via de gemeente in de kracht van de heilige Geest, en het zal volledig komen bij de tweede komst van Christus.

Wij leven in een voortdurend spanningsveld – het ‘radicale midden’ – tussen het ‘al wél’ en het ‘nog niet’ van het Koninkrijk.

Dit plaatst ons in een voortdurend eschatologisch spanningsveld — het ‘radicale midden’ — tussen het ‘al wél’ en het ‘nog niet’ van het Koninkrijk. Die spanning is niet iets om van af te komen, maar iets om in te leren leven. Ze brengt een aantal waarden met zich mee die richting geven aan het gemeenteleven, onze missie in de wereld, onze persoonlijke spiritualiteit en onze manier van theologiseren. Welke zijn dat, en hoe helpen zij ons bij de omgang met heikele thema’s?

Helpende waarden

Ik onderscheid zeven clusters van waarden.

  1. Het eerste stelt aanbidding van God als hoogste prioriteit, met als centrale deugd bescheidenheid.
  2. Het tweede cluster plaatst Jezus als het hoofd en centrum. Afgeleide waarden daarvan zijn genade én waarheid en het principe dat karakter boven kennis, kunde en kracht gaat.
  3. Het derde cluster beschouwt de Bijbel als fundament en loodlijn en vraagt om het vermogen hoofd- en bijzaken te onderscheiden.
  4. Het vierde cluster omschrijft het Koninkrijk van God als onze theologie en ons handelen. Concrete gevolgen daarvan zijn het relativeren van de eigen positie — het einde is immers nog niet gekomen — en het denken in én/én in plaats van óf/óf.
  5. Het vijfde cluster beschrijft de heilige Geest die ons bekrachtigt en leidt. Dat vraagt om een gezonde visie op openbaring, de bereidheid open te staan voor nieuwe dingen én het goede te bewaren, en de erkenning dat iedereen meedoet — de Geest spreekt immers door zowel eenvoudigen als experts.
  6. Het zesde cluster benoemt liefde voor het hele lichaam. Waarden die daarbij horen zijn de eenheid van de kerk als hoge prioriteit en het erkennen van door God gegeven gezag.
  7. Het zevende cluster ten slotte roept op: vergeet de armen niet. Dat vraagt om bewogenheid voor en bescherming van wie kwetsbaar is.
Helpende waarden bij heikele thema's

Uitwerking

Wat betekenen deze waarden concreet voor de manier waarop we als gemeenschap met heikele thema’s omgaan?

Bescheidenheid begint bij het besef dat alleen God absoluut is. Onze eigen overtuigingen verdienen die status niet. Wanneer ons eigen ‘gelijk’ onze aanbidding in de weg staat, weten we wat er te groot is geworden.

Genade én waarheid vraagt om een dubbele eerlijkheid. Je kunt een discussie winnen en daarmee de relatie met je broer of zus verliezen — de SIRE-campagne tegen polarisatie wijst op dit reële gevaar. Maar het omgekeerde is evenzeer waar: wie alleen maar iedereen omarmt, kan ook leugens welkom heten. Beide valkuilen vragen om waakzaamheid.

Karakter boven kennis, kunde en kracht betekent dat we authenticiteit, kwetsbaarheid en bescheidenheid waarderen — ook bij onszelf. We willen niet spreken vanuit een gevoel van uitsluiting, wij-zij-denken of zelfmedelijden, en we staan open voor kritiek. Tegelijk zijn we op onze hoede voor oneigenlijke motieven en dynamieken: publicaties en evenementen die primair als verdienmodel dienen; het argument dat een visie legitiemer wordt naarmate meer mensen haar steunen; de invloed van media en sociale media die tegenstellingen versterken; en de al te grote rol die emotionele en autobiografische verhalen spelen als legitimatie van een standpunt.

De Bijbel als fundament en loodlijn vraagt om een gedegen bijbelse theologie als basis van onze overtuigingen. Die gaat gepaard met zorgvuldige exegese (de uitleg van de teksten) en een verantwoorde hermeneutiek (de vertaling van de boodschap naar onze tijd). Onze systematische theologie, de leerstellige overtuigingen die hieruit voortvloeien, dient consistent te zijn: zonder innerlijke tegenstrijdigheden en logisch kloppend.

Relativering van de eigen positie betekent dat we ons onthouden van al te stellige boektitels, uitspraken en conclusies. Grote leerstellige claims als ‘God geneest altijd’, ‘Het einde van de hel’ of ‘Alle mensen zijn kinderen van God’ gaan slecht samen met de bescheidenheid die het Koninkrijksperspectief van ons vraagt. Én/én-denken sluit hierbij aan: we hebben oog voor nuances binnen de Schrift en in onze eigen overtuigingen ten opzichte van alternatieven, en we zijn op onze hoede voor zwart-wit- en alles-of-niets-denken.

Een gezonde visie op openbaring erkent dat het directe en persoonlijke spreken van de heilige Geest waardevol is. Dit is echter nooit de basis voor onze geloofsovertuigingen of theologie. We verlangen naar vernieuwing en opwekking en durven te veranderen. Tegelijk weten we dat ‘vernieuwing’ ook onnodig ten koste kan gaan van wat er al waardevol is. De waarde dat iedereen meedoet vraagt om bijzondere aandacht: in alle complexiteit loopt men het risico dat ‘deskundigen’ het voor het zeggen krijgen. Dat kunnen de meest geleerde theologen zijn maar ook de meest ‘Geestvervulde’ sprekers. Wij geloven dat álle volgelingen van Jezus de heilige Geest hebben ontvangen en dat de Bijbel toegankelijk is voor iedereen die hem biddend leest. Onderscheiding gebeurt in de gemeenschap. Volledige objectiviteit is daarin niet mogelijk; intersubjectiviteit — het gezamenlijk zoeken naar waarheid — is dat wél.

Liefde voor het hele lichaam betekent dat we ons verantwoordelijk weten voor en verbonden voelen met de héle kerk. We willen opbouwen en niet afbreken. We onthouden ons van het karikaturiseren van andersdenkenden en doen recht aan hun beste motieven en argumenten. Erkennen van gezag sluit hierbij aan: we respecteren het leergezag van de kerk waartoe we behoren en voeren het theologische gesprek op de juiste plek met de juiste mensen. Onze persoonlijke biografie mag niet te sterk meespelen in de vorming van onze overtuigingen, noch in de manier waarop we die overdragen.

Vergeet de armen niet

Ten slotte: bewogenheid voor wie kwetsbaar is. We zijn huiverig voor al te boute uitspraken die voorbijgaan aan de pastorale en existentiële nood van mensen. Bijvoorbeeld wanneer het gaat om ziekte en genezing, seksuele identiteit, of de eeuwige bestemming van geliefden. Niet behoedzaamheid als doel op zich, maar zorgzaamheid als vrucht van liefde.

Deze zeven waardenclusters vormen samen geen sluitend systeem, maar een levend kompas. Ze helpen ons de heikele thema’s van onze tijd aan te gaan vanuit het Koninkrijksperspectief: geworteld in Gods Woord, geleid door zijn Geest, en verbonden met Christus’ héle lichaam.


[1] W. Ouweneel, Vijf olifanten in een porseleinkast (Amsterdam: Buijten & Schipperheijn, 2009).

Dit artikel is een bewerkte versie van de bijdrage van Hans Alblas aan de studiedag ‘Tijd voor het Koninkrijk: Heikele thema’s & Koninkrijkstheologie’. Op deze dag was er ruimte om eerlijk in gesprek te gaan over thema’s die vaak juist weinig ruimte bieden voor echte ontmoeting. Op onze blog kijken we verder terug op de bijdragen en zegeningen van deze dag.

Uitgelichte berichten