Opleidingsovereenkomst

Versie: januari 2020
Het opleidingsinstituut Evangelisch College (EC) en student (diegene die zich aanmeldt voor een opleiding bij één van de scholen van het EC) komen het volgende overeen. De student geeft met het insturen van het aanmeldingsformulier te kennen:
  • Zich te willen aanmelden voor de opleiding die op het aanmeldingsformulier is aangegeven.
  • De geloofsbelijdenis van het opleidingsinstituut te onderschrijven.
  • Bekend te zijn met de kosten van de opleiding (studiegeld en studiematerialen, hierna aangeduid met ‘studiekosten’) en deze financiële verplichting volledig op zich te nemen.
  • Akkoord te gaan met de jaarlijkse kosten van de EC-Studiepas.
  • Akkoord te gaan met de betalingswijze van de studiekosten: automatische incasso. Indien de student het niet eens is met een afschrijving, is het mogelijk het bedrag binnen 56 dagen via de bank te laten terugboeken.
  • Akkoord te gaan met de volgende betalingsvoorwaarden:
    • De student dient er zorg voor te dragen dat er voldoende tegoed staat op de opgegeven bankrekening, zodat de studiekosten door het opleidingsinstituut geïncasseerd kunnen worden. Indien de incasso als gevolg van onvoldoende tegoed wordt geweigerd, wordt er vanwege de extra werkzaamheden en bankkosten € 10,00 aan administratiekosten in rekening gebracht.
    • Indien het in een studiejaar voorkomt, dat er meer dan één incasso niet kan worden uitgevoerd, worden de administratiekosten verhoogd met € 20,- per extra benodigde incasso opdracht en/of per aanmaning.
    • Indien een incasso herhaaldelijk niet kan worden geïncasseerd en/of op aanmaningen niet adequaat wordt gereageerd door de student, is het opleidingsinstituut genoodzaakt een erkend gerechtsdeurwaarder c.q. incassobureau in te schakelen. De (hoge) kosten die hieraan verbonden zijn, zijn voor rekening van de student. Tevens wordt er met terugwerkende kracht wettelijke rente berekend over het openstaande bedrag, vanaf het moment dat dit verschuldigd was.
    • Zolang er nog betalingsverplichtingen zijn, kan de student de incassomachtiging niet intrekken.
  • Akkoord te gaan met de volgende annuleringsvoorwaarden bij aanmelding:
    • De student heeft na het insturen van het aanmeldingsformulier een bedenktijd van 14 dagen. Bij annulering binnen deze 14 dagen is de student geen kosten verschuldigd, behalve € 12,50 administratiekosten.
    • Bij annulering na 14 dagen en vóór 1 september is de student alleen het inschrijfgeld en/of de aanbetalingskosten verschuldigd.
    • Bij annulering na 1 september is de student de volledige studiekosten van één jaar, voor de opleiding waarvoor is ingeschreven, verschuldigd. De student dient dit bedrag te betalen, ongeacht of er wel of geen lessen tijdens het studiejaar worden gevolgd. Er kan dus geen  teruggave van dit bedrag plaatsvinden (noch geheel, noch gedeeltelijk) bij verandering in de studie, bij vroegtijdige studiebeëindiging, of bij welke andere situatie dan ook.
      • Een uitzondering hierop geldt bij de ETS-Bijbelcursus. Voor deze cursus geldt dat er bij beëindiging vóór 1 oktober een restitutie plaatsvindt van het cursusgeld (excl. aanbetaling). Bij opzegging vóór 1 januari ontvangt men een restitutie van 50% van het cursusgeld (excl. aanbetaling).
      • Een mogelijke uitzondering hierop geldt bij de overige deeltijdopleidingen in geval van uitzonderlijke, onvoorziene of bijzondere omstandigheden die tot annulering van de studie leiden. In dat geval dient een restitutieaanvraagformulier te worden ingediend, op grond waarvan de adjunct-directeur financiën zal beoordelen of restitutie mogelijk en redelijk is. Indien restitutie wordt toegekend, dan zal bij opzegging tussen 1 september en de eerste lesdag maximaal 50% van het collegegeld worden gerestitueerd en bij opzegging vóór 1 januari maximaal 25% van het collegegeld worden gerestitueerd.
    • Akkoord te gaan dat de school er van uitgaat dat een student jaarlijks op gelijke wijze (met dezelfde status) de studie voortzet, tenzij de student zelf vóór 1 juni van het lopende studiejaar aangeeft de studie op een andere wijze te willen voortzetten of met ingang van het nieuwe studiejaar de studie te willen beëindigen. Deze wijziging of beëindiging dient middels het daarvoor bestemde formulier van de betreffende school te worden doorgegeven. Indien de student dit niet vóór 1 juni heeft aangegeven, staat de student (met dezelfde status) ingeschreven voor het volgend studiejaar en gelden de daarbij behorende betalingsverplichtingen. Deze regeling geldt ook als de student de studie heeft afgerond.
      • Een uitzondering geldt bij de ETS-Bijbelcursus. Bij afmelding tussen 1 juli en 1 september is de student € 25,- administratiekosten verschuldigd. Bij afmelding na 1 september geldt de bovenstaande annuleringsregeling.
  • Akkoord te gaan dat de opleidingen of leslocaties altijd onder voorbehoud worden aangeboden. Mocht een opleiding niet aangeboden kunnen worden (bijvoorbeeld vanwege te weinig deelnemers), dan is de student geen kosten verschuldigd aan de school.
  • Akkoord te gaan met de mogelijkheid dat het opleidingsinstituut wijzigingen kan doorvoeren in het opleidingsaanbod en de studiekosten. De student wordt hierover bijtijds in kennis gesteld.
  • Akkoord te gaan het copyright op alle uitgereikte studiematerialen te eerbiedigen.
  • Akkoord te gaan dat cijfers en studiepunten 10 jaar geldig blijven, ingaand op het jaar dat het cijfer/studiepunt is behaald, en daarna vervallen (indien er geen certificaat of diploma is behaald).
  • Akkoord te gaan dat het opleidingsinstituut het recht heeft, indien noodzakelijk, de opleidingsovereenkomst jaarlijks te wijzigen, waarmee de voorgaande overeenkomst komt te vervallen. Het opleidingsinstituut dient de student hierover vóór 1 juli te informeren.
  • Akkoord te gaan dat het opleidingsinstituut het recht heeft deze opleidingsovereenkomst te ontbinden, indien:
    • de student zich niet houdt aan de afspraken van deze opleidingsovereenkomst; de student de financiële verplichtingen t.a.v. het opleidingsinstituut niet nakomt.
    • de student het benodigde niveau voor een opleiding aantoonbaar niet aankan en de studieadviezen van de opleidingscoördinator naast zich neerlegt;
    • de student een storende invloed heeft in de lessituatie waardoor dit ten koste gaat van de kwaliteit van de lessen en de onderlinge verhouding met medestudenten;
    • het gedrag van de student niet strookt met de christelijke geloofsleer en levenswandel zoals deze omschreven staat in de geloofsbelijdenis en in het Identiteitsdocument van het Evangelisch College.
  • Indien het opleidingsinstituut om bovengenoemde redenen genoodzaakt is de opleidingsovereenkomst te ontbinden, vervallen daarmee niet de eventuele resterende betalingsverplichtingen van de student.
Het opleidingsinstituut geeft met het aannemen van een student te kennen:
  •  Zich verantwoordelijk te weten voor de administratie, organisatie en coördinatie van de aangeboden opleidingen.
  • Zich verantwoordelijk te weten voor de kwaliteitsbewaking van de aangeboden opleidingen.
  • Zich verantwoordelijk te weten om in woord en daad uiting te geven aan haar evangelische identiteit.
  • Zich verantwoordelijk te weten er alles aan te zullen doen een student de gekozen opleiding te (blijven) aanbieden, zodat de student gelegenheid heeft om de aangeboden opleiding waarvoor is ingeschreven ook af te kunnen ronden (binnen de hiervoor gestelde termijn).
  • Te beschikken over een formele klachtenprocedure.
  • Op verantwoorde wijze om te gaan met haar financiële middelen ten einde ook op langere termijn de opleidingen te kunnen (blijven) aanbieden. Ter controle wordt de jaarrekening jaarlijks ter beoordeling voorgelegd aan een accountantskantoor.
  • De student tijdig op de hoogte te brengen van wijzigingen aangaande curriculum, opleidingsaanbod, leslocaties, studiekosten en opleidingsovereenkomst.
  • Zorgvuldig om te gaan met persoonsgegevens en deze niet zonder toestemming van de student aan derden te verstrekken.
  • Zich in te zetten voor duurzame relaties met andere christelijke opleidingsinstituten en een positieve naam op te bouwen in ‘Christelijk Nederland’.