Menu

Meer stilte in de kerk nodig

18-04-2010 | Reformatorisch Dagblad | Verslag ETA symposium over Christelijke Spiritualiteit.

PUTTEN – „Om een vindplaats van spiritualiteit te zijn, is er behoefte aan meer stilte in de christelijke samenkomst.” Dat zei Henk ten Voorde zaterdag tijdens het symposium ”Christelijke spiritualiteit”.

De docent aan de Evangelische Theologische Academie (ETA) sprak zaterdag in Putten tijdens de studiedag ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum van de ETA.

Ten Voorde zei dat er veel aandacht is voor spiritualiteit. Hij noemde Kluun, die in een boekje zijn zoektocht beschrijft die waarschijnlijk model staat voor de zoektocht van vele anderen in onze cultuur. „Dat levert een beeld op van een doe-het-zelfspiritualiteit, bij elkaar gesprokkeld uit allerlei vormen van spiritualiteit, van ”Het Tibetaanse boek van leven en sterven” tot chakra’s en yin en yang.” Bijbelse spiritualiteit is de ontmoeting tussen God en mens. De grondlijn daarvan is, aldus Ten Voorde, geen doe-het-zelven maar „dat God het initiatief neemt tot die ontmoeting.” Het antwoord van de mens bestaat in de vreze des Heeren, bestaande uit verootmoediging, intieme dagelijkse omgang met God en –als gevolg daarvan– een christelijke levenswandel. Hij citeerde een monnik die zei: „God zoeken is een oefening in door Hem gevonden willen worden.”

Wil een kerkdienst een oefening van spiritualiteit zijn, dan is er behoefte aan meer stilte. „Veel samenkomsten lijden aan hyperventilatie. Het aantal decibellen van de muziekgroep is in de loop van de jaren behoorlijk opgeschroefd. Mag het iets minder en dan zonder synthesizer op de achtergrond? Ik wil niet in de stemming worden gebracht, maar ik wil aangeraakt worden door het mysterie van Gods liefde.”

Ten Voorde stelt dat mensen niet over Gods aanwezigheid tijdens de diensten kunnen beschikken. „Zijn aanwezigheid ligt niet in handen van de aanbiddingsleider. Zijn aanwezigheid is belofte en soevereine genade.”

Klik hier!De tweede spreker, ds. J. Douma, predikant van de gereformeerde kerk (vrijgemaakt) te Haarlem, sprak over christelijke spiritualiteit als over de „hemelse omhelzing.” Hij zei dat een kerk die niet aan spirituele gemeenteopbouw doet niet hoeft te beginnen aan missionaire gemeenteopbouw. „Door spirituele theologie, spirituele vorming en spirituele gemeenschap gaan christenen van binnenuit verlangen naar het in aanraking brengen van anderen met Jezus. Een echte kerk weet dat goed doen in deze wereld weinig verlossende kracht heeft, tenzij degenen die goed doen Jezus kennen, op Jezus lijken en op de manier van Jezus relaties aangaan in de kracht van Jezus. Dat gebeurt allereerst in hun gezinnen en gemeentes en vervolgens ook in de cultuur om hen heen.” Aan het einde van de drukbezochte bijeenkomst vond een dankdienst plaats.